Heeft uw kat iets raars gegeten?

Katten zijn vaak kieskeurig qua eten. Dat betekent dat ze minder vaak rare dingen eten dan honden. Maar ook hier geldt natuurlijk: liever voorkomen dan genezen. Let dus  goed op dat ‘gevaarlijke’ dingen extra goed opgeborgen zijn. Wees vooral voorzichtig met:

  • Medicijnen voor dieren. Deze hebben soms een lekker smaakje, waardoor het extra aantrekkelijk is om het doosje of potje open te breken of de pillen met doosje en al op te eten.
  • Medicijnen voor mensen. Paracetamol bijvoorbeeld wordt door katten heel slecht verdragen. Geef nooit uw eigen medicatie aan uw huisdier.
  • Kleine speeltjes zoals stuiterballen, ballonnen, propjes aluminiumfolie.
  • Kadolintjes en touwtjes. Deze kunnen om de tong vast komen te zitten of ernstige problemen in de darmen veroorzaken.
  • Sommige planten, bijv. lelies, zijn giftig voor katten.
  • Etensresten zoals vlees met botjes en vlees met satéprikkers erin.
  • Schoonmaak- en wasmiddelen, ook bijv. algenverwijderaar. Deze worden soms opgelikt waardoor er irritatie van het mondslijmvlies optreedt. Ook kunnen ze neurologische klachten veroorzaken.
  • Ongediertebestrijding: ratten-, mieren-, slakkengif.

Bovenstaande lijst is verre van compleet natuurlijk. Regelmatig horen ook wij weer iets nieuws, voor sommige dieren schijnt het gewoon een sport te zijn om iets raars te eten. Wanneer u zeker weet dat uw dier iets vreemds gegeten heeft of u heeft het vermoeden dat het zo is, twijfel niet en bel ons meteen. Houdt een eventuele verpakking bij de hand. We zullen u adviseren over een eventuele behandeling en kunnen indien nodig het Vergiftigingencentrum bellen.

Braken

Geef uw kat NOOIT zout in de bek om hem/haar te laten braken. Er zijn meerdere gevallen van zoutvergiftiging bekend omdat de kat het gegeven zout niet uitbraakte. Dierenartsen hebben speciale medicatie om dieren onder deskundige begeleiding te laten braken en zo de risico’s te minimaliseren.