Kat drinkt en plast veel

kat drinkt in spreekkamer Dierenkliniek PETcomfort

Over het algemeen lijken katten niet zoveel te drinken. Soms kan het u ineens opvallen dat uw kat wél opvallend vaak drinkt. Of de kattenbak moet vaker verschoond worden omdat er veel meer geplast wordt. Wanneer uw kat ook buiten komt kan het soms lastig zijn om in te schatten hoeveel hij drinkt.

Bij het vermoeden van meer drinken en/of meer plassen, is het belangrijk om te onderzoeken of dit daadwerkelijk zo is. Gemiddeld mag een kat zo’n 50 ml water per kilogram lichaamsgewicht per dag drinken. Voor een gemiddelde kat van 4 kilo zal dat dus zo’n 200 ml per dag zijn. Wanneer uw kat duidelijk meer drinkt (richting het dubbele, dus 350-400ml per dag) dan kan dit abnormaal zijn.

Vaak lukt het niet zo goed  om de hoeveelheid water die gedronken wordt exact op te meten. In dat geval zal er direct een urineonderzoek gedaan moeten worden.

Urine kat opvangen

Urine opvangen bij katten kan een uitdaging zijn. Sommige katten plassen wel op een (schone) lege kattenbak of op plastic snippers (bijv. van een in stukjes geknipt plastic tasje). Meestal willen ze echter wat te graven hebben in de bak. Daarom bestaat er speciaal zand dat geen urine absorbeert. Met het bijgeleverde spuitje kunt u de urine opzuigen en in een buisje doen. De urine moet liefst binnen 2 uur onderzocht worden. Wanneer dit niet lukt dan kunt u de urine het beste in de koelkast bewaren. Als het opvangen van de urine thuis helemaal niet lukt, dan kunnen we op de praktijk proberen de blaas aan te prikken. De meeste katten accepteren dit goed en het is een kleine, kortdurende ingreep. Voorwaarde is wel dat de kat een (redelijk) volle blaas heeft, we moeten de blaas goed kunnen voelen voordat we hem kunnen aanprikken.

In de urine kunnen we o.a.  het soortelijk gewicht meten. Het soortelijk gewicht is een getal dat de mate van ‘waterigheid’ van de urine aangeeft. Urine van dieren die teveel drinken en plassen is wateriger en dus minder geconcentreerd dan het hoort te zijn.

Diagnose

Zodra uit het urineonderzoek blijkt dat de kat inderdaad veel drinkt en plast, zullen we de kat klinisch onderzoeken en een bloedonderzoek voorstellen. De belangrijkste oorzaken van veel drinken en plassen bij katten zijn:

  • Nierfalen
  • Hyperthyreoidie (te snel werkende schildklier)
  • Suikerziekte
  • Leverproblemen

Daarnaast zijn er nog andere, minder vaak voorkomende oorzaken zoals bijvoorbeeld een te hoog calciumgehalte in het bloed. Het is belangrijk om een diagnose te stellen, want alleen dan kunnen we een behandeling starten. De eerste stappen zijn zoals hierboven al aangegeven altijd een volledig lichamelijk onderzoek, een urineonderzoek en bloedonderzoek. Afhankelijk van de ernst van de klachten kunnen dit meer of minder uitgebreide onderzoeken zijn. Soms moet er nadat de uitslag van het bloedonderzoek er is nog aanvullend onderzoek gedaan worden, bijvoorbeeld een echo van de buik of een kweek van de urine.

Belangrijk: wanneer u vermoedt dat uw kat meer drinkt, geef hem dan altijd zoveel drinkwater als hij wil. Uw kat drinkt meer omdat hij meer moet plassen vanwege een (nog te diagnosticeren) aandoening. Dus ook als uw kat –heel vervelend- naast de bak plast moet hij zoveel kunnen drinken als hij nodig heeft om uitdroging te voorkomen.